Financiering van start-ups in Vlaanderen: een bank vooruit

By | Nederlands | No Comments

Banken en start-ups. Er wordt veel over gezegd, en er valt ook van alles over te vertellen, maar de kern van de zaak is: hoe krijg je het verdienmodel van een bank (gebaseerd op zekerheden en voorspelbaarheden, analyses en soms puur cynisme) verzoend met de financieringsnoden van een start-up (grillige evolutie, weinig historiek, veel dynamiek, maar vaak te weinig centen of te veel verschil tussen papier en feiten)? Of breder geformuleerd: hoe krijg je als start-up in godsnaam je plannen gefinancierd?

Destijds, toen ik mijn eerste bedrijf oprichtte, waren de zaken in onze ogen nogal eenvoudig:

Eén: We hebben een goed idee, maar nauwelijks centen. Dus gaan we naar de bank.

Twee: Beste bank, we hebben geld nodig en hebben er zelf te weinig, maar we zullen wel zelf ook risico nemen: met zijn drieën zullen we onszelf een jaar lang, misschien zelfs twee jaar, geen loon uitkeren. En we hebben een ondernemingsplan bij: wel doordacht, met een duidelijke inschatting van onze cashflows en terugbetalingscapaciteit.

Drie: Mààr, beste bank, daar houdt het ook op. We gaan geen persoonlijke borgen tekenen, geen solidaire borgstelling, en onze ouders laten we ook niks tekenen.

Het was eind 2009 – volle crisis, moeilijke omstandigheden. ING en BNP Paribas Fortis, twee grote banken die vandaag nochtans allebei zwaar op starters & innovatie inzetten in hun communicatie, wilden zelfs geen afspraak met ons maken. Een andere, het vroegere Dexia, vroeg ons om eens terug te komen wanneer de ontwikkeling af was (terwijl we net financiering nodig hadden om iets te kunnen ontwikkelen). De vierde bank die we contacteerden, KBC, stapte wél onmiddellijk mee. Bovendien bleek wat we naïefweg gehoopt hadden bij hen ook effectief haalbaar. Bleek namelijk dat er voor starters in dit land zoiets was als combinaties van innovatiemezzanine (achtergestelde leningen via de overheid), Optimeo- en andere formules (achtergestelde lening, opnieuw van de overheid, maar langs een ander kanaal) en PMV-regelingen (een waarborg op een banklening, opnieuw van de overheid, opnieuw ander kanaal). Het kwam er op neer dat we ons idee konden realiseren – en de vennootschap dus konden oprichten – zonder dat daarvoor rijke ouders, of grote risico’s, of zware persoonlijke schulden, of veel investeerders voor nodig waren. Er was immers…. de overheid! Dankzij die overheid wou de bank onze plannen en dromen financieren zonder daarbij al te veel risico te nemen (De bank was ingedekt: er was een overheidswaarborg ten belope van 75%, en ook nog een ‘pand handelszaak’ die bij eventuele wanbetaling een claim kon leggen op onze voorraad).

Er was niet meer nodig (maar ook niet minder…) dan de combinatie van een goed team, een sterk businessplan, supernuttige instrumenten van de overheid en fantastische mensen-believers-duwers binnen de bank (Evy bij KBC, eerst Koen en daarna Eric bij BNP Paribas Fortis, Jean Pierre bij Belfius – eeuwige dank en erkentelijkheid is hun deel).

Natuurlijk zouden er enkele dingen beter kunnen. Zo is er geen bank bereid om ook maar iets te lenen voor een R&D-project. Een idee, dat is niet tastbaar, geen zekerheid, kun je geen pand op nemen, te veel lucht. Ook daar zijn oplossingen voor – gedeeltelijke subsidiëring door IWT, eventueel aangevuld met een mezzaninelening van het PMV – maar ze zijn nog te weinig gekend, of te omslachtig om aan te vragen, of te ver-van-het-bed-van-de-aspirant-ondernemer en zo blijven ideeën vaak gewoon ideeën. Soms goed, soms heel spijtig: hoeveel jonge ingenieurs zijn er niet die een fantastisch idee hebben, maar geen benul hoe dat te financieren of om te zetten in een onderneming?

Van een bank kun je daar geen mirakels verwachten, maar voor de overheid ligt er wel een opdracht. Dus ja, er zijn zeker dingen te verbeteren. Maar als je één iets van deze blog onthoudt, laat het dan dit zijn: België, Vlaanderen is een paradijs voor wie jonge ondernemer wil worden. Je moet de weg vaak zelf zoeken, maar ze ligt er en ze is het betreden waard: het is een tof pad naar het realiseren van je droom. Vergeet ze dus, die verkoop van aandelen die je veel te vroeg en veel te goedkoop van de hand wou doen om financiering te krijgen. Vergeet het dus, dat moeilijke gesprek met je ouders of met vrienden om wat centen los te peuteren. Vergeet ze dus, die angst en twijfel dat het nooit zal lukken om je droom na te jagen. Vergeet ze maar snel, die goedbedoelde adviezen van de VOKA’s van deze wereld die je richting business angels duwen. Een goed idee zelf uitwerken, alvast het begin ervan, dat lukt wél. Dus schrijf je plan, stap naar je bank, ga het gesprek aan. Essentieel: goed idee, sterk team en doordachte aanpak. Uiteraard start het daar. En verder? Codewoorden: PMV, Waarborgbeheer en Participatiefonds. Sleutel: combineer ze; je bank weet hoe.

In de andere landen waar we kantoren hebben (in China, in Marokko, in Zuid-Afrika) moet je het niet proberen om bankfinanciering te krijgen zonder zware borgen. Het duurt al een eeuwigheid om een onderneming op te richten (bij ons: paar dagen. Ginds: weken, màànden!), laat staan dat je het idee van bankfinanciering in je hoofd haalt (vergeet het gewoon!). Ja, er valt in ons land vast wel iets te zeggen over loonkosten en over administratieve rompslomp, en over overheidslast-overkill. Maar na elke reis naar onze andere kantoren besef ik weer heel goed: starter of jonge ondernemer zijn in Vlaanderen, dat is een droom!

 

Maarten Michielssens

www.energyvision.be